De Graalbeker.
De middeleeuwen, het christendom heeft zich als een dunne film over Europa heen gelegd. Monniken altijd onderweg, er worden kloosters gebouwd in ieder gebiedsdeel om het licht van de christus uit te stralen in de heidense wereld. Ieder leeft zijn of haar leven zoals het altijd geleefd werd, alleen nu werd er met geweld een nieuwe wereld opgelegd. Maar wie gaat ons nu vertellen wanneer de oogsttijd komt !?, daar hebben we heiligen voor, gaat het oogstfeest nog wel door !?, ja, dat kan gewoon doorgaan. De oude goden en rituelen worden u schijnbaar verandert in christelijke feestdagen en riten. De boeren halen hun schouders op, of we nu door Wotan of christus voor de kont geschopt worden, het maakt geen enkel verschil. Zware tijden voor vroedvrouwen en kruidenvrouwen, die de kinderen ter wereld zongen en dichten zoals al eeuwen gedaan werd. Nu zat er een vent met een kale kruin buitenlandse woorden te spreken en durfde de vroedvrouw geen andere woorden dan ‘ademen’ en ‘persen’ meer te zeggen, af en toe een blik op die vreemde vogel in de bruine jurk gericht die maar vreemde woorden blijft spraken tot het kind geboren is.
De adel heeft z’n eigen problemen, ze hebben een heel contingent van die vreemde vogels op bezoek, proberen hen over te halen mee te gaan op een kruistocht naar een land waar ze nog nooit van gehoord hebben. De zoons zeuren, de baron, hertog, graaf schudt zijn hoofd en zegt; ‘Jullie bouwen jullie klooster en kerk en dan is het klaar’ en kijkt ze indringend aan. De getonsuurde vogels glimlachen en laten zien wat ze willen bouwen, volledig uitgetekend op de perkamenten rollen die ze altijd bij zich dragen.
De frankenkoning is overgehaald, ziet het nut van dat nieuwe geloof, een neiuw gereedschap van het leiderschap. Wat kan er nou veranderen, het is enkel van belang het rijk bij elkaar te houden, als ieder het zelfde geloofd is dit makkelijker te doen.
De barden worden minstrelen en troubadours, trouveres en het is wonderlijk hoevelen zich aan sluiten bij de bruine vogels, het is ook verwonderlijk dat de bruine vogels de oude kunsten ook kennen. De stille spraak, de vuurslag en de donderslag en hun beheersing van de kwade geesten om een ander te treffen. De heren kijken toe, staan het toe hoe vele vrouwen, adelijke vrouwen zitten aan de voeten van deze bruine vogels met schitterende ogen en rode konen te luisteren naar een nieuw sprook. De heren staan het toe, de bruine vogels raken de vrouwen niet aan, ze zijn nu nog onschuldig. De kalender wordt herschreven, alle godinnen en goden worden vervangen door heiligen, verbazingwekkend veel mannen zegt de raadsheer. De heer knikt, die bruine vogels moeten erg van elkaar houden, zodat er bijna alleen mannen in hun pantheon staan. Een goedmoedige bruine vogel doet het woord over een Adama en Eva-Lylith en de val van de mens en de schuld van de vrouw. De heer knikt, de raadsheer kijkt zijn meester aan en de heer haalt zijn schouders op. ‘Zolang de oogst binnen komt en mijn onderdanen gelukkig zijn…….ben ik tevreden, zo niet……..dan laat ik jullie verwijderen zoals we jullie voorgangers verwijdert hebben’, spreekt hij terwijl hij naar die bruine vogel kijkt. De monnik knikt.
In een ander Avignon zit een heer in het rood, een rode kap op zijn hoofd, te overleggen met zijn raadsheren, godsgeleerden en wetenschappers. ‘Heiligheid, de verspreiding loopt spaak, men laat ons bouwen maar neemt niet het ware geloof aan’. De heer in het rood knikt, dat was voorzien, daar was in de concilies al over gesproken. Ieder gebiedsdeel had zijn eigen verhaal nodig om overtuigd te worden en de bijbel gaf genoeg aanknopingspunten om een verhaal te bedenken voor die franken en Germanen, een verhaal dat hen in vuur en vlam zou zetten voor de christus, het ware geloof.
De barden, troubadours kregen nieuwe verhalen, er werden nieuwe liederen en verhalen geschreven waarin de zuiverheid van de christus beleefd en geleefd werd door herenridders, een vlechtwerk van de heidenverhalen en de christus kracht samenkomende in de beker, de beker van het laatste avondmaal, die zelfde beker die het bloed van de christus opving terwijl hij hing aan het kruis om te sterven voor onze zonden. Hoe een ridder van heiden tot christen werd, zijn lijdensweg tot het heil van de ervaring van het christusbewustzijn. De magie van die beker geraakt door het bloed van de zoon van god, de profeet naar het christus licht. De oude knipperde met zijn ogen, had hij dat goed gehoord, het christenlicht gevangen en omstrengeld door heidense krachten, de druïdes zagen het verhaal, glimlachten en knikten. De troubadours, de voormalige barden, monniken die hun haren weer hadden laten groeien trokken de weide wereld van het frankenland en het Germaanse rijk in en zongen hun nieuwe liederen. De zuidelijke franken werden zonder moeite gewonnen door het nieuwe verhaal, de zuidelijke Germanen werden gewonnen voor het nieuwe verhaal. Het zaad was gezaaid nu in de hoven, de kinderen van deze heren zouden het licht van christus volgen.
Ergens in Zuid-Duitsland, tussen bergen in een oude boomgaard, een cirkel van eiken, kwamen oude mannen bij elkaar, een aantal van hen in de bruine jurken van de zwarte vogels en bespraken de wereld. Ze bespraken hoe hoe het volk leefde, betrekkelijk tevreden en gelukkig was, hoe de jongeren de strijd mistten, de invoering van de nieuwe kalender. Niet iedereen was tevreden, bespraken wandaden van de bruine vogels tegen de vrouwen, het doden van de kruidenvrouwen en de kracht die leek weg te sijpelen uit de eens trotse strijders. Iedereen knikte, ze kenden dit allemaal, hadden het gezien en ervaren, maar deze nieuwe wind liet het oude weten niet verloren gaan, de wereld bleef zoals ze was ondanks de christus. Laten we de twijfelaars geruststellen, laat de beker, de kelk de schoot van de aarde godin zijn, dan is het nieuwe lied zowel voor ouden en de jongen, een paar decades en de oude garde is verdwenen en is het volk gewend aan de nieuwe ogen. Leer het nieuwe schrijven, leer de taal van de bruine vogels, leer te verdwijnen in de massa van het volk en bij de avondvuren kunnen dan gerust de oude verhalen verteld worden. Wij waren altijd de mensen van het woord en niet het schrift, de verhalen zullen niet sterven als we zelf blijven spreken en schrijven. De druïden omhelsden elkaar voor een laatste keer, dit was de laatste bijeenkomst of ze dit wisten of niet, er was een nieuwe wereld geboren en hun verhalen werden verweeft met het nieuwe verhaal van de christus, het nieuwe testament in die bijbel stond vol van de oude wijsheid en zodoende zou de oude wereld niet sterven.
De jonge voormalige frankenridders en hun Germaanse broeders gingen nu samen naar dat zogenaamde heilige land, het bevrijden van de kwade krachten van die donkerhuidigen. Daar in dat verre warme land ontdekten zij dat die donkerhuidigen net als zij waren, geloofden ook in een god, hadden ook een heiligboek. Een enkeling nam een donkerhuidige vrouw of minnares. Er werden halfbloeden geboren en de bruine vogels zagen dat de liederen van de heilige beker aangevuld moesten worden en de halfbloed prins werd opgenomen in het leid van de Graal, de broeder van Parcifal. De Graal legenden bleven aangroeien, in Brittannië werden de verhalen door de bruine vogels overal verteld, verweven met de legenden van de Kelten en de Welshen die al door de krachten van het Romeinse rijk geraakt waren en dus open stonden voor nieuwe verhalen. Zij, de Brittaniers hielden van verhalen, ze te horen en te vertellen en natuurlijk te zingen. De beer, Artus, Arthur, de koning die alle Britten verenigde in de jaren van duisternis, toen het Romeinse rijk ingestort was. De waarheid !?, de oude druïde schudde zijn hoofd en glimlachte, het volk is verhalen nodig om kracht uit te halen, de kracht om te leven, de kracht om n zichzelf en zijn heer of heren te kunnen geloven, Arthur is onze held en zal dat blijven omdat hij ons verenigd of hij heeft bestaan of niet, doet er niet toe.
Zo verspreidde het verhaal van de Graal zich door Europa, betoverde gekroonde hoofden en de adel, beschaafde de ruige krijgers tot ridders, ridders die het kruis gingen dragen. De Graal is meer dan een beker, meer dan de schoot van de Godin, meer dan het hart van de gelovige, meer dan de wereld, de Graal is……..omdat honderden, duizenden zijn naam spreken, zijn betekenis proberen te doorvorsen. De Graal is…………….een zodiac, een kruispunt, een boomgaard, een mooie vallei, de Graal is………………….Het symbool van de alchemie van de geest en het hart, een gezonegn of geschreven toverspreuk, het oude en nieuwe verenigd om de toen bekende wereld te kunnen verenigen in een wereld die in chaos leek te vervallen. Het romeinse rijk ineengestort, dan twee romeinse rijken, Germaanse en frankische heren die strijden om hun rijken te behouden en/of te vergroten, heren die rust willen gunnen aan hun volk, te kunnen leven als voorheen. Wat heeft men aan de waarheid als een verhaal de wereld kan veranderen, het harten raakt en mensen de kracht geeft boven zichzelf uit te rijzen en gelukkig te zijn. Het volk wil de waarheid niet, de waarheid leidt tot onrust, men wil gerustgesteld worden op welke manier dan ook. De Graal geeft hen het idee dat hun heren hun dienen met de beste bedoelingen en dat niets hun manier van leven in de war zal gooien. De Graal is………………….
Geen opmerkingen:
Een reactie posten